MA
Mijn moeder,
ik noem haar ma,
omdat dat woord dichter bij mijn hart ligt.
Moeder klinkt mooi,
maar ma klinkt als thuis.
Ā
Zij droeg mij
voordat ik de wereld kende.
Zij kende mijn huilen,
mijn stilte,
mijn lach.
Ā
Als kind leerde ik van haar
dat liefde niet altijd veel woorden heeft.
Soms is liefde een bord eten,
een bezorgde blik,
een hand op mijn schouder.
Ā
Mijn ma was er
in dagen van zon
en in nachten van twijfel.
Zij gaf mij kracht
zonder zichzelf groot te maken.
Ā
Moederdag is ƩƩn dag,
maar ma leeft in elke dag.
In mijn denken,
in mijn stappen,
in mijn manier van liefhebben.
Ā
Mijn moeder, mijn ma,
de band tussen ons
is niet gemaakt van woorden alleen.
Zij is bloed, herinnering,
gebed en dankbaarheid.
Ā
En zolang ik leef,
draag ik iets van haar mee.
Want ik ben haar kind,
en zij blijft mijn ma.
Ā
HJD




