Dak- en thuislozen in Suriname Barmhartigheid alleen is niet genoeg

Het dak- en thuislozenprobleem speelt al jaren in Suriname. Het is geen nieuw verschijnsel en ook geen probleem dat van de ene dag op de andere is ontstaan. Opeenvolgende regeringen hebben op verschillende momenten geprobeerd om deze heuse maatschappelijke noodsituatie tegen te gaan.

Soms gebeurde dat via tijdelijke opvang. Soms via voedselverstrekking. Soms via religieuze en particuliere initiatieven. Soms via plannen voor opvang buiten Paramaribo. En soms via pogingen om mensen te resocialiseren.

Ā 

Nieuwe aandacht onder de regering-Simons

Ā 

De regering-Simons-Rusland heeft aandacht voor de steeds verslechterde toestand van deze groep landgenoten. Binnen deze bestuurlijke context wordt het vraagstuk niet langer alleen gezien als een sociaal probleem, maar ook als een veiligheids-, gezondheids-, woon- en menswaardigheidsvraagstuk.

Dat is van betekenis, omdat het dak- en thuislozenvraagstuk niet los kan worden gezien van veiligheid, openbare orde, volksgezondheid, maatschappelijke rust en menselijke waardigheid.

Veiligheidsadviseur ( oud-commissaris van Politie Omar Terborg ) trekt daarbij de kar.

Ā 

Veel organisaties, maar weinig gezamenlijke regie

Ā 

Er zijn in Suriname tientallen instituten, organisaties, kerkgenootschappen, stichtingen, serviceclubs en individuele burgers die zich op hun manier ontfermen over deze minbedeelden.

Men brengt eten.

Men deelt kleding uit.

Men biedt soms tijdelijk onderdak.

Men probeert een zieke naar de dokter te brengen.

Men bidt, helpt, troost en ondersteunt.

Dat is waardevol. Het toont dat Surinamers barmhartig zijn. Maar het toont ook de zwakte van de aanpak. Iedereen trekt zijn eigen kar. Individualisme speelt hoogtij. Structurele samenwerkingsvormen ontbreken te vaak.

Ā 

Het ontbreken van een nationale benadering

Ā 

Wat ontbreekt, is een uniforme nationale benadering. Er is geen vaste keten waarin registratie, opvang, medische zorg, geestelijke verzorging, verslavingszorg, scholing, werkbegeleiding en nazorg logisch op elkaar aansluiten.

De ene organisatie doet dit. De andere doet dat. De ene stichting heeft ervaring met verslaafden, de andere met ex-gedetineerden, weer een andere met voedselhulp of tijdelijke opvang. Maar zonder gezamenlijke regie blijft veel werk hangen in goede bedoelingen.

Ā 

Te weinig onderzoek en betrouwbare cijfers

Ā 

Een ander knooppunt is het ontbreken van kloppende informatie. Er zijn onvoldoende betrouwbare statistieken. Er is te weinig diepgaand onderzoek naar de omvang, achtergronden en categorieƫn binnen de dak- en thuislozenpopulatie.

Hoeveel mensen leven werkelijk op straat?

Hoeveel zijn verslaafd?

Hoeveel hebben psychische problemen?

Hoeveel zijn oud, ziek of verlaten?

Hoeveel zijn ex-gedetineerd?

Hoeveel kunnen met begeleiding terug naar werk?

Hoeveel hebben permanente zorg nodig?

Zonder zulke gegevens blijft beleid wankel.

Ā 

Nattevingerwerk is geen beleid

Ā 

De aanpak van het probleem heeft over het algemeen te veel karakter van nattevingerwerk. Men ziet mensen op straat, men voelt maatschappelijke druk, men zoekt snel een plek, men regelt wat eten en bedden, en men noemt dat opvang.

Maar opvang zonder diagnose is geen rehabilitatie.

Een gebouw zonder zorgsysteem is geen oplossing.

Een terrein buiten Paramaribo zonder deskundig personeel is geen hersteltraject.

Ā 

Stichting De Stem als ervaringsbron

Ā 

Het hiernavolgende verslag is mede gebaseerd op informatie verkregen van Stichting De Stem. Deze stichting maakt zich in de achter ons liggende drie decennia intensief en continu sterk voor de opvang en begeleiding van dak- en thuislozen.

Juist zulke instellingen beschikken over ervaringskennis die in Suriname niet lichtvaardig terzijde mag worden geschoven. Zij hebben niet alleen over het probleem gesproken; zij hebben het jarenlang van dichtbij gezien.

Zij kennen de geur van verwaarlozing.

Zij kennen de taal van verslaving.

Zij kennen de terugval na een korte verbetering.

Zij kennen de wanhoop van familieleden.

Zij kennen de agressie van ontregeling.

Zij kennen de kwetsbaarheid van ziekte.

Maar zij kennen ook de ontroerende momenten waarop iemand langzaam weer mens onder de mensen wordt.

Zij zijn, op dit stuk, ervaringsdeskundigen bij uitstek.

Ā 

Surinaamse barmhartigheid als kracht

Ā 

Het dak- en thuislozenprobleem heeft Suriname iets belangrijks geleerd: Surinamers zijn barmhartig. Er zijn altijd mensen geweest die eten brengen, kleding geven, een matras regelen, een busrit betalen, een tijdelijk onderkomen zoeken of spontaan hulp aanbieden.

Dat is niet gering. Dat is de zachte kracht van onze samenleving. Het bewijst dat het hart van de samenleving nog klopt.

Ā 

Een goed hart alleen is niet genoeg

Ā 

Maar het probleem heeft ons ook iets anders geleerd: een goed hart alleen is niet voldoende om de negatieve gang van zaken te keren. Barmhartigheid is noodzakelijk, maar niet genoeg om de koe bij de horens te vatten.

Wie dak- en thuisloosheid werkelijk wil aanpakken, moet verder gaan dan incidentele hulp, noodopvang en goede bedoelingen.

Een bord eten is belangrijk.

Een dak boven het hoofd is belangrijk.

Een schoon bed is belangrijk.

Maar rehabilitatie vraagt veel meer dan dat.

Rehabilitatie vraagt meer dan onderdak

Om te rehabiliteren is er niet alleen een dak boven het hoofd nodig. Er is voeding nodig, maar ook verpleging. Er is lichamelijke verzorging nodig, maar ook geestelijke verzorging. Er is begeleiding nodig, maar soms ook bewaking.

Er is scholing nodig.

Er is opleiding nodig.

Er is werkgelegenheid nodig.

Er is dagstructuur nodig.

Er is medische controle nodig.

Er is psychologische ondersteuning nodig.

Er is verslavingszorg nodig.

Er is administratie nodig.

Er is familieonderzoek nodig.

Er is nazorg nodig.

Wie mensen werkelijk wil helpen terugkeren naar de samenleving, moet niet alleen vragen: waar kunnen wij hen plaatsen? De echte vraag is: hoe kunnen wij hen herstellen?

Ā 

Meer dan drugsverslaving alleen

Ā 

Te vaak wordt het dak- en thuislozenvraagstuk versmald tot drugsverslaving. Drugs spelen in veel gevallen inderdaad een grote rol. Langdurig drugsgebruik sloopt lichaam en geest. Het tast de gezondheid aan, breekt het karakter af, vernietigt familiebanden, ondermijnt arbeidsgeschiktheid en maakt zelfstandigheid steeds moeilijker.

Ā 

Maar het is in de meeste gevallen niet alleen drugsverslaving. Bij deze categorie landgenoten spelen onderliggende zaken een belangrijke rol.

Ā 

De onderliggende oorzaken

Ā 

Bij dak- en thuislozen spelen vaak meerdere problemen tegelijk. Denk aan tanende gezondheid, psychische ontregeling, ouderdom, armoede, trauma, verlatenheid, familieruzies, huiselijk geweld, schulden, schaamte, gebrek aan papieren, verlies van werk, verlies van woning en verlies van geloof in zichzelf.

Velen zijn niet plotseling op straat beland. Zij zijn langzaam afgezakt. Eerst verloor men werk. Daarna inkomen. Daarna familiecontact. Daarna gezondheid. Daarna zelfrespect. Uiteindelijk bleef de straat over.

Ā 

Niet iedereen is hetzelfde

Ā 

Daarom is het hard en onjuist om alle dak- en thuislozen gemakshalve ā€œzwerversā€ te noemen. Dat woord maakt mensen kleiner dan hun geschiedenis. Het neemt de mens weg en laat alleen het straatbeeld over.

Niet iedere dakloze is een verslaafde.

Niet iedere verslaafde is onverbeterlijk.

Niet iedere zwerver is lui.

Niet iedere man of vrouw op straat heeft daar zelf bewust voor gekozen.

Ā 

Genezing vraagt tijd

Ā 

Genezing gaat niet van de ene op de andere dag. Wie jarenlang verslaafd is geweest, jarenlang buiten heeft geslapen, jarenlang geen regelmaat heeft gekend, jarenlang lichamelijk en geestelijk is afgebroken, kan niet binnen enkele weken worden hersteld.

Rehabilitatie is geen korte actie. Het is een langdurig proces.

Ā 

Professionele en specialistische hulp is noodzakelijk

Ā 

Op veel professionele en specialistische gebieden is intensieve, langdurige hulp nodig. Er zijn artsen nodig, verpleegkundigen, maatschappelijk werkers, psychologen, psychiaters, verslavingsdeskundigen, geestelijke verzorgers, beveiligers, werkbegeleiders, trainers, administratieve krachten, schoonmakers, keukenpersoneel en leidinggevenden met overzicht en gezag.

Om tientallen drugsverslaafden, psychiatrisch kwetsbaren of zwaar verwaarloosde dak- en thuislozen permanent op te vangen, 24 uur per dag en zeven dagen per week, is een leger van deskundig personeel nodig.

Ā 

Een gebouw is nog geen oplossing

Ā 

Een opvangcentrum is meer dan een gebouw. Een centrum zonder structurele financiering wordt afhankelijk van giften. Een centrum zonder deskundig personeel wordt een slaapplaats zonder herstel. Een centrum zonder medische en geestelijke zorg wordt een verzamelplaats van onverwerkte problemen.

Een opvangcentrum zonder werktraject wordt een wachtkamer zonder toekomst. Een opvangcentrum zonder nazorg ziet mensen na verloop van tijd terugkeren naar de straat.

Ā 

De les van opvang buiten Paramaribo

Ā 

Er zijn in de loop der jaren meerdere opvangcentra en opvangprojecten buiten Paramaribo geprojecteerd. De gedachte daarachter was begrijpelijk. Buiten de drukte van de binnenstad zou er meer ruimte zijn voor rust, begeleiding, landbouw, werkprojecten en resocialisatie.

Maar ook daar bleek telkens dat een locatie alleen niet voldoende is. Een terrein is geen beleid. Een gebouw is geen zorgsysteem. Een bed is geen herstelplan.

Ā 

Niet verplaatsen, maar herstellen

Ā 

De grote fout die telkens dreigt, is dat dak- en thuislozen worden gezien als een probleem van het straatbeeld. Dan wordt de vraag: hoe krijgen wij hen weg uit de binnenstad? Hoe maken wij Paramaribo weer netjes? Hoe zorgen wij dat toeristen, winkeliers en voorbijgangers hen minder zien?

Maar dat is een te smalle benadering. Dak- en thuislozen zijn geen vuil dat moet worden opgeruimd. Het zijn mensen die moeten worden geholpen.

Het probleem is niet opgelost wanneer men hen verplaatst naar Wanica, Para, Domburg, Nickerie of een ander district. Het probleem is pas aangepakt wanneer er een traject is naar herstel, zorg, bescherming, zelfredzaamheid en waardigheid.

Ā 

Opvang zonder perspectief is geen oplossing

Ā 

Een opvangcentrum buiten Paramaribo kan nuttig zijn. Rust, ruimte, landbouw, werkprojecten en afstand van de verleidingen van de stad kunnen helpen. Maar alleen als zo’n centrum goed georganiseerd is.

Alleen als er deskundige begeleiding is.

Alleen als er duidelijke regels zijn.

Alleen als mensenrechten worden gerespecteerd.

Alleen als deelname, behandeling en bewaking juridisch en menselijk verantwoord zijn.

Alleen als er een brug terug is naar de samenleving.

Ā 

Want opvang zonder perspectief is opsluiting in een andere vorm. En verplaatsing zonder begeleiding is slechts het verschuiven van ellende.

Ā 

De nationale opdracht

Ā 

De geschiedenis van dak- en thuislozenopvang in Suriname leert ons een harde les. Wij hebben veel barmhartigheid, maar te weinig nationale ordening. Wij hebben veel losse initiatieven, maar te weinig gezamenlijke regie. Wij hebben mensen met goede bedoelingen, maar te weinig structurele samenwerking.

Suriname heeft behoefte aan een nationale keten van zorg. Die keten begint bij registratie en straatwerk. Daarna volgen medische screening, psychische beoordeling, opvang, verslavingszorg, sociale begeleiding, familieonderzoek, scholing, arbeidstraining, begeleid wonen en langdurige nazorg.

Ā 

Niet iedereen kan meteen zelfstandig verder

Ā 

Voor sommigen zal volledige zelfstandigheid mogelijk zijn. Voor anderen zal beschermd wonen nodig blijven. En voor een kleine groep zal permanente zorg noodzakelijk zijn.

Ā 

Dat moeten wij eerlijk durven zeggen.

Ā 

Niet iedereen zal snel herstellen.

Niet iedereen kan meteen werken.

Niet iedereen kan zelfstandig wonen.

Niet iedereen kan zonder toezicht functioneren.

Maar ieder mens behoudt waardigheid. Ieder mens verdient een kans. En ieder mens moet worden benaderd als mens, niet als lastpost.

Ā 

De spiegel van de samenleving

Ā 

Het dak- en thuislozenprobleem is geen probleem van de straat alleen. Het is een spiegel van onze samenleving. Het toont hoe wij omgaan met mensen die ziek, arm, beschadigd, verlaten, verslaafd of geestelijk ontregeld zijn.

Het toont of wij alleen medelijden hebben, of ook bereid zijn verantwoordelijkheid te dragen.

Ā 

Dak- en thuislozen moeten niet slechts worden verplaatst. Zij moeten worden gezien. Zij moeten worden onderzocht. Zij moeten worden verzorgd. Zij moeten worden begeleid. En waar mogelijk moeten zij worden teruggebracht naar een menswaardig bestaan.

Ā 

Een goed hart opent de deur.

Maar beleid, deskundigheid, samenwerking en volharding moeten ervoor zorgen dat die deur niet opnieuw dichtvalt.

Ā 

U kunt de inhoud van deze pagina niet kopiƫren