Politiek

Reünie Vereniging van Gepensioneerde Politieagenten i.o.

Reünie Vereniging van Gepensioneerde Politieagenten Blijf trouw aan elkaar, maar wees bovenal trouw aan de rechtsstaat en de samenleving die het korps moet dienen. Op vrijdag 14 augustus 2026 vond er een reunie van gepensioneerde politieagenten plaats in paramaribo. Deze bijzondere bijeenkomst vond plaats in het Zorghotel. President Jennifer Simons betreurt dat ze niet aanwezig kon zijn. De Surinaamse Politie Bond was niet vertegenwoordigd terwijl dat wel verwacht werd. Uiteraard werd aan het begin het volkslied aangeheven. https://youtu.be/B1z4RkjH6KE Hermandad betekend broederschap. In de wereld van politie en rechtshandhaving in Suriname verwijst het naar de bijzondere verbondenheid tussen politiemensen. Ā  Hermandad is bedoeld als een bemoedigend korpslied. Het herinnert politiemensen eraan dat zij, ondanks teleurstellingen, risico’s en moeilijke arbeidsomstandigheden, hun plicht tegenover de samenleving niet mogen verzaken. Ā  De belangrijkste gedachten zijn: Onderlinge verbondenheid binnen het korps; Trouw aan de politieorganisatie; Moed en volharding tijdens moeilijke omstandigheden; Verantwoordelijkheid tegenover land en volk; Dienstbaarheid aan de samenleving; Eensgezindheid tussen actieve en gepensioneerde politiefunctionarissen; Bewaking van de eer en waardigheid van het uniform. Ā  Het lied dicht niet alleen kameraadschap. Het legt ook een morele verplichting op. Broederschap mag niet betekenen dat collega’s elkaars fouten verbergen. Ware broederschap betekent dat politiemensen elkaar helpen om eerlijk, professioneel en dienstbaar te blijven. Ā  Broederschap mag nooit ontaarden in een gesloten zwijgcultuur waarin collega’s elkaar beschermen wanneer de wet wordt overtreden. De verbondenheid binnen een politiekorps moet altijd ondergeschikt blijven aan de Grondwet, de wet en de bescherming van de burger. Ā  Een goede kameraad kijkt niet weg wanneer een collega dreigt te ontsporen. Hij spreekt hem aan. Wanneer er sprake is van ernstig wangedrag, brengt hij dat langs de juiste kanalen ter kennis van de bevoegde instanties. Ā  Daarom kan het lied van het Korps Politie Suriname worden opgevat als een gewetensoproep: Ā  Blijf trouw aan elkaar, maar wees bovenal trouw aan de rechtsstaat en de samenleving die het korps moet dienen.

Reünie Vereniging van Gepensioneerde Politieagenten i.o. Read More »

Mama Jennifer Simons Opo Joe Ai

Mama Jennifer Simons Opo Joe Ai Sranan na wan kondre nanga furu gudu. Dipi ini a busikondre, gowtu de wan sani di fu langa ten kaba, na wan fu den moro prenspari bron fu moni gi wi kondre. Ā  Dusun dusun sma e wroko gowtu san e yepi fu tya i hori wan prenspari pisi fu a ekonomia fu Sranan na hey. Ā  Ma baka a brenki fu a gowtu, wan dungru se e kibri. Ā  Wan grupu Busikondre kapten fu Brokopondo waka kon miti Stichting Pro Humaniteit bika den abi bigi pina nanga sari fu den san e psa ini den libi-presi. Ā  Den no wani tan tap den mofo moro. Ā  Den no e taki soso gi a yesi fu Busikondre sma. Ā  Den wani sori krin-krin san e psa ini den dorpu ini a gowtu-busi Ā  Ma a boskopu no de gi Marron wawan. Ā  Den e taki nanga ala Srananman en spesrutu nanga president Jennifer Simons nanga den tra tiri-man fu Sranan. Ā  A makti fu den boskopu de krin: Ā  No wan sma musu kan taki moro fara dati en no ben sabi san e psa ini a busikondre. Ā  Pro-Humaniteit arki den boskopu. Den fisiti-man ben kisi ala a okasi fu opo den ati, taki den ondrofeni y den sarii nanga den eigi wortu. Ā  Baka a taki na a kantoro fu Pro-Humaniteit, wan afvaardiging ben go na Brokopondo. Drape den ben de na wan krutu, pe buskundre sma ben taki, arki nanga prakseri makandra abra a notu san e broko en malengri a buskondre. Ā  Ini a busikondreĀ  gowtu-wroko e gro de fu de. Bruya lay. Wrokoman sondro papira fu dorose kondre, Brasjon, snesi-kondre, cuba e waka lontu e suku gowtu. Fufuru man, kiriman de na den midri. Kwik, cyanide, smokkel e pori aĀ  busi en a libi fu Srananman. Ā  Nanga Srananman, yu e feni tu Brazilianen, Sneisman, Guyanezen, Cubanen en sma fu tra kondre ini den gowtu-gebied.

Mama Jennifer Simons Opo Joe Ai Read More Ā»

Jaardag van Hare Excellentie

Jaardag van Hare Excellentie Rond de jongste verkiezingen, die drs. Jennifer Simons naar het presidentschap van de Republiek Suriname brachten, produceerde het Tori Collectief de documentaire: Jennifer Simons – De Sterkste Vrouw van Suriname Ā  Op 5 september 2026 vierde Hare Excellentie de President haar 73ste verjaardag. Dit bijzondere moment biedt een passende gelegenheid om deze documentaire opnieuw te vertonen. Ā  De productie belicht haar politieke levensweg, haar ontwikkeling tot de eerste vrouwelijke president van de Republiek Suriname. Met deze hervertoning brengt het Tori Collectief niet alleen een eerbetoon aan de jarige president, maar biedt het publiek ook de gelegenheid opnieuw kennis te nemen van de weg die zij heeft afgelegd en van haar betekenis voor de recente politieke geschiedenis van Suriname.

Jaardag van Hare Excellentie Read More Ā»

Zwart Geld Documentaire

Zwart Geld Stichting Pro-humaniteit heeft het initiatief genomen om verslag te doen over Zwart Geld als maatschappelijk en nationaal veiligheidsvraagstuk. United Security Professionals N.V. heeft dit onderzoek ondersteund vanuit haar betrokkenheid bij veiligheid, risicobeheersing en maatschappelijke bewustwording in Suriname. https://youtu.be/uMalYHUOzG4 Het Zwart Gat van Suriname Ā  Zwart geld is het Zwart Gat van Suriname.Aantrekkelijk voor wie dichtbij komt.Maar vernietigend voor alles wat eerlijk, rechtvaardig en transparant wil zijn. Ā  Een zwart gat zuigt materie, licht en energie naar binnen.Zwart geld doet in een samenleving iets vergelijkbaars.Het zuigt vertrouwen weg.Het verzwakt eerlijk bestuur.Het vervormt handel, politiek, rechtspraak en moraal. Ā  Stichting Pro-humaniteit heeft onderzoek geĆÆnitieerd om niet alleen te waarschuwen, maar vooral om te begrijpen.Hoe ontstaat zwart geld?Waarom blijft het bestaan?Wie profiteert ervan? Wie wordt erdoor beschadigd?En hoe kan Suriname uit de schaduw stappen? Ā Ā  Een zwart gat lijkt ver weg.Iets uit de wereld van sterren, planeten en natuurkunde.Maar als beeldspraak past het pijnlijk goed bij zwart geld. Ā  Een zwart gat trekt alles naar zich toe.Zelfs licht ontsnapt niet.Alles wat te dichtbij komt, wordt meegesleurd. Ā  Zwart geld werkt ook zo.Niet in de ruimte, maar in de samenleving.Niet met zwaartekracht, maar met verleiding.Met macht.Met angst.Met afhankelijkheid. Ā  Het begint zelden openlijk.Het komt niet binnen met een bord waarop staat: ā€œIk ben misdaadgeld.ā€Het verschijnt als investering.Als sponsoring.Als snelle rijkdom.Als mooi gebouwen.Als dure auto’s.Als feestenAls hulp.Als kans. Ā  Maar achter die glans kan duisternis schuilgaan. Wie goed kijkt, ziet de gevolgen.Corruptie.Ongelijkheid.Macht zonder verantwoording.Angst om te spreken.Mensen die afhankelijk worden van gunsten.En burgers die zich afvragen:waarom zou ik nog eerlijk werken, als oneerlijk geld sneller vooruitkomt? Ā  Dat is het gevaar van zwart geld.Het ondermijnt niet alleen de economie.Het ondermijnt het geloof in rechtvaardigheid. Ā  Zwart geld heeft aantrekkingskracht.Het geeft snel gewin.Snelle status.Snelle invloed.Snelle toegang. Ā  Het trekt ondernemers aan.Tussenpersonen.Ambtenaren.Politici.Jongeren.Zelfs mensen die eerst dachten dat zij alleen maar een kans grepen. Ā  Maar wie eenmaal in dat krachtveld zit, komt er moeilijk uit.Men raakt verstrikt in geheimen, schulden, loyaliteiten, dreigementen en wederdiensten.Wat eerst voordeel leek, wordt afhankelijkheid.Wat eerst een kans leek, wordt een keten. Ā  Zoals een zwart gat groeit door alles wat het opslokt, zo groeit zwart geld door fraude, smokkel, corruptie, belastingontduiking, witwassen en criminele winsten.Elke zwakke controle maakt het groter.Elke omgekochte handtekening maakt het sterker.Elke gesloten mond maakt het gevaarlijker. Ā  En zo ontstaat een systeem waarin de schaduw sterker wordt dan het licht. Zwart geld is geen gewoon geld.Het is geld dat macht zoekt.Geld dat stilte koopt.Geld dat vertrouwen vernietigt. Ā  De vraag is niet alleen: waar komt het geld vandaan?De vraag is: wat doet het met Suriname? Ā  Ā  Overlevingsgeld, Grijs Geld en Crimineel Geld Ā  Niet elk informeel geld is crimineel Wie over zwart geld spreekt, moet voorzichtig zijn.Niet alle geld buiten het formele systeem is meteen crimineel.Suriname kent armoede.Lage lonen.Hoge prijzen.Werkloosheid.Onzekerheid.Bureaucratie.En gezinnen die elke dag moeten overleven. Ā  Daarom moet er onderscheid worden gemaakt.Niet om zwart geld goed te praten.Maar om rechtvaardig te blijven. Ā  Er zijn minstens drie lagen. Ā  De eerste laag is overlevingsgeld Overlevingsgeld is het geld van kleine handelaren, marktverkopers, taxichauffeurs, kappers, bouwvakkers, reparateurs, schoonmakers, landbouwers, bijlesgevers en mensen die na werktijd nog iets erbij doen. Ā  De moeder die verkoopt om haar kinderen te voeden.De jongeman die naast zijn baan taxi rijdt.De leerkracht die bijlessen geeft.De arbeider die in het weekend klust. Ā  Dat geld is niet hetzelfde als drugsgeld of corruptiegeld.Het is vaak een noodoplossing.Een reactie op een economie die te weinig zekerheid biedt. Ā  Wie armoede bestrijdt door alleen te straffen, begrijpt Suriname niet.Veel mensen kiezen de informele economie niet uit luxe.Zij doen het omdat hun officiĆ«le inkomen niet genoeg is. Ā  Maar er is ook een tweede laag. Ā  Grijs geld Grijs geld beweegt tussen legaal en illegaal.Contante betalingen zonder bon.Dubbele boekhouding.Onderfacturering.Informele valutahandel.Onduidelijke importconstructies.Goudhandel zonder duidelijke herkomst.Politieke donaties zonder transparantie.Vastgoed waarvan niemand precies weet wie het financiert. Ā  Grijs geld lijkt soms normaal.Maar juist daarin schuilt het gevaar.Want het opent de deur voor grotere vormen van misbruik. Ā  Crimineel geld Ā Crimineel geld komt uit drugshandel, corruptie, smokkel, illegale mijnbouw, fraude, illegale houtkap, mensenhandel en georganiseerde criminaliteit. Ā  Dit geld zoekt altijd een ingang in de gewone economie.Via winkels.Transportbedrijven.Bouwprojecten.Casino’s.Goudopkoop.Horeca.Vastgoed.Politieke campagnes.Soms zelfs via liefdadigheid. Ā  Zo wordt misdaadgeld eerst sociaal gewassen.Daarna pas financieel witgewassen. Ā  Het probleem in Suriname is dat overlevingsgeld, grijs Geld en crimineel geld elkaar kunnen besmetten.De kleine burger die hosselt om te overleven, is niet hetzelfde als de grote witwasser.Maar als de staat geen duidelijke grens trekt, wordt alles langzaam ā€œgewoonā€. Ā  Geen bon.Geen belasting.Geen controle.Geen vragen. Ā  En dan wordt de nood van de kleine man gebruikt als rookgordijn voor de roof van de grote speler. Ā  Suriname mag daarom niet blind criminaliseren.Maar Suriname mag ook niet blind wegkijken. Ā  Zwart Geld als Veiligheidsvraagstuk Suriname bekijkt veiligheid vaak te smal.Bij veiligheid denken we aan politie.Aan criminaliteit.Aan wapens.Aan grensbewaking.Aan drugsbestrijding.Aan gevangenissen. Ā  Maar veiligheid is veel breder. Een samenleving is pas veilig wanneer burgers hun overheid kunnen vertrouwen.Wanneer ondernemers eerlijk kunnen werken.Wanneer jongeren geloven dat studie, discipline en arbeid zin hebben.Wanneer rechtspraak betrouwbaar is.Wanneer geldstromen controleerbaar zijn.Wanneer publieke functies niet worden misbruikt voor particuliere belangen. Ā  Zwart geld is daarom geen gewoon financieel probleem.Het is een nationaal veiligheidsvraagstuk.Een moreel veiligheidsvraagstuk.Een maatschappelijk veiligheidsvraagstuk. Ā  Zwart geld verstoort eerlijke concurrentie.Eerlijke ondernemers kunnen niet op gelijke voet concurreren met mensen die belasting ontwijken, illegaal kapitaal gebruiken of bescherming kopen. Ā  Zwart geld ondermijnt de staatskas.Wanneer grote geldstromen buiten registratie blijven, verliest de overheid inkomsten.Dan is er minder geld voor onderwijs, gezondheidszorg, infrastructuur, politie, justitie en sociale bescherming. Ā  Waar publieke diensten zwak blijven, vertrouwen burgers de staat minder.En omdat burgers de staat minder vertrouwen, zoeken zij opnieuw hun toevlucht tot informele oplossingen. Ā  Zo ontstaat een vicieuze cirkel. Ā Zwart geld vervormt ook de politiek.Als politieke partijen geld nodig hebben voor campagnes, transport, media, vlaggen, shirts, podia en mobilisatie, ontstaat er ruimte voor verborgen financiers. Ā  Die financiers geven zelden zonder verwachting.Zij willen later toegang.Vergunningen.Grond.Concessies.Benoemingen.Bescherming.Contracten.Invloed. Ā  Dan wordt zwart geld politieke macht.Niet de kiezer krijgt de toegang, maar de

Zwart Geld Documentaire Read More Ā»

Landlopers in Suriname

Landlopers in Suriname Van koloniale uitsluiting naar een menswaardige benadering De geschiedenis van dak- en thuisloze mensen in Suriname is niet alleen een geschiedenis van mensen die zonder vaste woonplaats door de straten trekken. Het is ook een geschiedenis van slavernij, armoede, uitsluiting, gedwongen arbeid, psychische ontregeling en een overheid die kwetsbare burgers lange tijd vooral als een bedreiging voor de openbare orde beschouwde. Ā  Woorden als zwerver, landloper en vagebond zijn meer dan gewone beschrijvingen. Het zijn beledigende of juridische etiketten die door machthebbers en burgers werden geplakt op mensen zonder bezit, vast werk of een erkende woonplaats. Achter ieder etiket gaat echter een menselijk verhaal schuil: verlies van familie, ziekte, werkloosheid, armoede, psychische problemen of het ontbreken van passende opvang. https://youtu.be/nWaLVVGOgaE Netwerken Voor de komst van de Europeanen bestond in Suriname geen koloniale of juridische categorie die men landloper noemde. Inheemse gemeenschappen trokken tijdelijk naar andere gebieden voor de jacht, visvangst, landbouw, handel of familiebezoek. Deze verplaatsingen vonden niet doelloos plaats, maar maakten deel uit van een sociaal, economisch en cultureel netwerk. Ā  Het was onjuist om rondtrekkende Inheemsen landlopers te noemen. Het begrip ontstond pas toen de koloniale overheid ging bepalen wie op een bepaalde plaats mocht wonen, wie zich vrij mochten verplaatsen en wie verplicht was te werken. Ā  Landlopers en ā€œkale hanenā€ in de plantagekolonie In de zeventiende en achttiende eeuw was Suriname een meedogenloze plantagekolonie. De maatschappelijke positie van een persoon werd bepaald door afkomst, huidskleur, bezit en juridische status. Tot slaaf gemaakte mensen werden als eigendom beschouwd en mochten zich niet vrij bewegen in de kolonie. Ā  Ook arme Europese soldaten, tuchthuisboeven, zeelieden, avonturiers, ontslagen werknemers en mislukte kolonisten konden buiten de geordende samenleving terechtkomen. In achttiende-eeuw werden deze mensen aangeduid als landlopers of kale hanen. Dit waren spottende benamingen voor personen zonder geld, aanzien of vaste maatschappelijke positie. Ā  Ā  Deze mensen probeerden te overleven met losse arbeid, klein handel, visvangst, aalmoezen of tijdelijk verblijf bij anderen. Een georganiseerd stelsel van sociale opvang bestond nauwelijks. Wie geen familie, werkgever, kerkelijke gemeenschap of meester had die verantwoordelijkheid voor hem nam, belandde gemakkelijk aan de rand van de samenleving. Ā  Gevluchte slaafgemaakten waren geen zwervers Er is onderscheid tussen landlopers en slaafgemaakten die van de plantages vluchtten. Het koloniale bestuur sprak van weglopers, of voortvluchtigen. In de volksmond werd het woord loweman gebruikt. Ā  Deze mensen zwierven echter niet doelloos rond. Zij vluchtten voor geweld, onderdrukking en slavernij. In het binnenland bouwden zij eigen woongebieden en gemeenschappen op. Uit deze vrijheidsstrijd ontstonden de Marrongemeenschappen. Ā  Marrongroepen sloten in de achttiende eeuw vredesverdragen met het koloniale bestuur. Daarbij werden hun vrijheid, woongebieden en eigen gezagsstructuren gedeeltelijk erkend. Ā  Het is daarom historisch onjuist om Marrons als landlopers te beschrijven. Zij waren vrijheidsstrijders die zich aan de plantageorde onttrokken en buiten dat systeem een zelfstandig bestaan opbouwden. Ā  Emancipatie zonder volledige vrijheid Op 1 juli 1863 werd de slavernij formeel afgeschaft. De vrijgemaakte bevolking was echter nog niet werkelijk vrij. Gedurende tien jaar kwam zij onder het Staatstoezicht te staan. In deze periode moesten de voormalige slaafgemaakten arbeidscontracten afsluiten, voornamelijk voor werk op de plantages. Ā  Niet iedereen wilde na de afschaffing van de slavernij opnieuw onder een plantagehouder werken. Sommige vrijverklaarden vestigden zich langs de rivieren. Daar leefden zij van visvangst, jacht en klein landbouw, op de zogenoemde kostgronden. Ā  Het koloniale bestuur beschouwde deze zelfstandige bestaanswijze niet altijd als een legitieme keuze. Mensen die zich aan de gewenste arbeidsdiscipline onttrokken, konden worden beschuldigd van vagebondage of landloperij. Ā  Het woord landloper werd hierdoor een middel om voormalige slaafgemaakten te verdenken en te criminaliseren wanneer zij niet wilden leven en werken volgens de regels van het koloniale bestuur. Zij werden als lui en toekomstloos gezien, terwijl zij in werkelijkheid probeerden buiten het plantagesysteem in hun eigen levensonderhoud te voorzien. Ā  Deze periode vormde een belangrijk keerpunt. Landloperij betekende voortaan niet alleen dat iemand zonder vaste woonplaats rondzwierf. Het kon ook betekenen dat iemand weigerde zich te onderwerpen aan de door het bestuur gewenste vorm van arbeid. Ā  Vrijheid met weinig bescherming In 1873 eindigde het Staatstoezicht. Voormalige slaafgemaakten verlieten de plantages en vestigden zich als landbouwers. Anderen trokken naar Paramaribo, waar zij probeerden te overleven met marktverkoop, huishoudelijk werk, ambachten, losse arbeid en tijdelijke baantjes. Ā  Een moderne verzorgingsstaat bestond nog niet. Arme burgers waren grotendeels afhankelijk van familieleden, kerkelijke gemeenschappen en liefdadigheid. Ā  Tijdens de slavernij waren plantage-eigenaren formeel verantwoordelijk voor het minimale onderhoud van oude, zieke of arbeidsongeschikte slaafgemaakte. Dit systeem was mensonterend. Na de afschaffing van de slavernij werd het echter niet vervangen door sociale voorzieningen. Ā  Na 1900 nam de armoede verder toe door problemen in de landbouw en de economische malaise. Mensen zonder werk, inkomen of familieondersteuning liepen daardoor een groter risico om afhankelijk te worden van liefdadigheid of op straat terecht te komen. Ā  Landloperij strafbaar In het Surinaamse Wetboek van Strafrecht werd landloperij behandeld als een overtreding van de openbare orde. Artikel 503 omschreef een landloper als iemand die ā€œzonder middelen van bestaan rondzwerftā€. Op deze toestand kon een hechtenis volgen. Ā  Wanneer drie of meer personen gezamenlijk bedelden of als landlopers werden beschouwd, kon de straf oplopen tot zes maanden. Iemand die volgens de autoriteiten geschikt was om te werken, kon bovendien voor maximaal drie jaar in een staatswerkinrichting worden geplaatst. Ā  Deze wetgeving maakte niet alleen het gedrag van arme mensen strafbaar. Zij maakte ook een maatschappelijke toestand strafbaar: geen geld hebben, geen vaste woonplaats bezitten en geen erkend middel van bestaan hebben werd niet getolereerd. Ā  De landloper werd daardoor gearresteerd en gestraft, terwijl de werkelijke oorzaken van zijn situatie niet werden onderzocht. Armoede, ziekte, ouderdom, werkloosheid, verslaving en psychische ontregeling waren geen excuus. Ā  Een afwijzend etiket in de twintigste eeuw In de twintigste eeuw groeide Paramaribo. Vanuit de voormalige plantagegebieden en de districten trokken mensen naar de hoofdstad op zoek naar werk en voorzieningen. Niet iedereen vond in het stadsdistrict een stabiel bestaan. Ā  Mensen zonder eigen woning verbleven soms op erven

Landlopers in Suriname Read More Ā»

Landlopersbrigade

Landlopersbrigade De regering-Simons lijkt ernst te willen maken met de aanpak van dak- en thuisloosheid. Het veiligheidsbureau van de president heeft inmiddels de hand aan de ploeg geslagen. Als alles volgens plan verloopt, zal er in een randdistrict van Paramaribo een opvangcentrum voor mensen zonder vaste woonruimte, zonder middelen van bestaan en vaak ook zonder sociaal vangnet tot stand worden gebracht. Dit afhankelijk van financiele middelen en menskracht. Menselijkheid Een menswaardige benadering is een noodzakelijke stap. Te lang zijn deze mensen in het straatbeeld vooral gezien als overlast. Zij worden gemakkelijk weggezet als zwervers, junkies, bedelaars, schooiers, gespuis of onbetrouwbare figuren. Zulke woorden ontmenselijken. Zij maken van mensen een probleem dat moet worden opgeruimd, in plaats van een noodsituatie die moet worden aangepakt. De nieuwe aanpak lijkt bewust afstand te nemen van zulke denigrerende termen. Dat is terecht. Ā  Landlopersbrigade Er is met voortvarendheid een Landlopersbrigade ingesteld. Deze mag geen gewone opruimbrigade worden. Tot nu toe lijkt de Landlopersbrigade vooral te steunen op politie en manschappen van gewapende diensten. Bij gevaar of ernstige overlast kan ordehandhaving nodig zijn. Maar als dit de kern van de aanpak wordt, blijft het beleid te smal. Dakloosheid is geen veiligheidsprobleem alleen. Het is ook een sociaal, medisch, psychisch en maatschappelijk vraagstuk. Naast politie zijn er ook outreachmedewerkers, maatschappelijk werkers, verpleegkundigen, verslavingsdeskundigen, psychologisch geschoolde begeleiders en ervaringsdeskundigen deel uit te maken van de aanpak. Ā  Suriname heeft geen harde schoonmaakoperatie nodig, maar een humane veiligheidsaanpak. Ordehandhaving kan een eerste stap zijn, maar mag nooit het eindpunt worden. Straatwerk begint niet met dwang Voordat mensen in een opvangcentrum terechtkomen, moeten zij vaak eerst op straat worden benaderd. Niet iedereen gaat vrijwillig mee. Sommigen zijn wantrouwig, verward, agressief, beschaamd of bang. Ā  Straatwerk begint daarom niet met dwang, maar met contact. Daarna komt vertrouwen. Pas daarna kan echte begeleiding beginnen.

Landlopersbrigade Read More Ā»

Keti Koti 2026

Keti Koti 2026 De geest van het verleden Ā ā€œHet woord slavernij komt nergens voor in de annalen van de geschiedenis van De Nederlandsche Bank,ā€ stelde historicus Karwan Fatah Black. De bank kijkt door een Nederlandse bril, zeggen velen. De geschiedenis van Suriname is niet geschreven in cijfers, doch in bloed en ketens. De financiĆ«le wortels van onze afhankelijkheid reiken terug tot 1667, toen Abraham Crijnssen voet aan wal zette in Suriname. De Geoctroyeerde West-Indische Compagnie verhief zich tot eigenaar van de kolonie, een onderneming gehuld in meedogenloosheid. Slavernij was geen fout van de geschiedenis, maar een bouwsteen van het systeem. Met de oprichting van de Geoctrooieerde SociĆ«teit van Suriname in 1683 werd deze macht verder verstevigd. Zelfs toen de West-Indische Compagnie in 1863 werd opgeheven en de Nederlandsche Bank ontstond, bleef het financiĆ«le geheel van belemmerende bepalingen en maatregelen bestaan. Van plantage tot platform Ā Na de afschaffing van de slavernij werd CuraƧao een spil in het koloniale netwerk. Via bedrijven als de CuraƧaose Handelmaatschappij kortweg CHM genoemd, later Ceteco, werden de koloniĆ«n met economische touwen aan elkaar gebonden. Deze CHM geboren in de nadagen van het koloniale tijdperk, was een economische spil onder Nederlands toezicht en speelde een belangrijke rol in de handel en industriĆ«le ontwikkeling van de Nederlandse Antillen, met name CuraƧao. Ze hield zich bezig met import, export, scheepvaart, olieproducten en allerlei commerciĆ«le activiteiten, een ware koopliedenmachine in tropenzonlicht gehesen. Na de Tweede Wereldoorlog werd het koloniaal systeem geherstructureerd. Showroomwinkels, ontwikkelingshulp met strikte clausules, ingenieursbureaus, alles rook naar afhankelijkheid. De militaire coup van 1980 gooide roet in het eten, maar de netwerken bleven. Tot op de dag van vandaag zijn de structuren van economische overheersing niet verdwenen. Ze hebben enkel een nieuwe vorm aangenomen. De onzichtbare ketting van AI als koloniale kracht Vandaag liggen er geen slavenschepen meer op de Surinamerivier. Maar er is een digitale vloot, algoritmen, apps, sensoren, servers. En opnieuw zijn wij gebruikers, geen eigenaren maar velddienaren in het digitale domein. Onze data, wie we zijn, wat we voelen, waar we gaan wordt verzameld, verwerkt en verkocht. Zoals eens onze arbeid op plantages werd geĆ«xploiteerd, zo wordt nu onze digitale aanwezigheid uitgewonnen. Wat is het verschil tussen een plantage en een platform, als jij werkt en een ander de opbrengst krijgt? De slavernij van toen wordt nu herhaald via digitale paden. Toestemming wordt verkregen via gebruiksvoorwaarden, niet via zweepslagen. Maar de essentie blijft: verlies van controle. AI: vriend of vijand? Ā ArtificiĆ«le Intelligentie heeft voordelen: EfficiĆ«ntie in werkprocessen, verbeterde gezondheidszorg, gepersonaliseerd onderwijs maar ook nadelen: banenverlies, privacy-schending, creativiteitsverstikking en discriminatie via data. AI is als een mes: nuttig in de handen van een kok, dodelijk in de handen van een roofridder. De vraag is: Wie hanteert het? En in wiens belang? AI en spionage het oog dat nooit slaapt Ā Spionage is geĆ«volueerd. Geen microfoons meer verborgen in een kast, maar algoritmen die e-mails lezen, zoekopdrachten analyseren en gedrag voorspellen. AI spioneert sneller dan elke James Bond. Grootmachten gebruiken deze technologie om invloed uit te oefenen, ook op kleine landen. Suriname lijkt misschien onbelangrijk, maar onze data is goud waard: politieke voorkeuren, mijnbouwgegevens, contracten. Wie data bezit, bezit macht. Suriname is een datakolonie geworden. Digitale afhankelijkheid de nieuwe slavernij Ā We worden opnieuw onderworpen, niet met kettingen van ijzer, maar met codes en schermen. AI-systemen worden getraind op onze data, maar gebouwd met buitenlands kapitaal. Onze kinderen gebruiken gratis apps die hun gedrag leren. Onze regeringen kopen ‘slimme’ systemen van buitenlandse Tech bedrijven. Onze stem in de Verenigde Naties, onze politiek, ons bankverkeer, onze communicatie, allemaal onder indirecte controle van digitale systemen die we niet begrijpen. Wat kunnen wij doen? Ā Onderwijs hervormen, van lezen en schrijven naar coderen en begrijpen. Data beschermen, onze informatie is nationale rijkdom. Wetten opstellen, digitale grenzen zijn even belangrijk als fysieke. Bewustzijn kweken, alleen wie begrijpt, kan zich verdedigen. De vrijheid bewaren Vrijheid is geen geschenk. Het is een vuur dat steeds opnieuw gevoed moet worden. Slavernij is niet alleen iets van het verleden, het is een vorm die steeds verandert. Van ketting naar code. Van zweep naar algoritme. De toekomst van Suriname hangt niet af van technologie, maar van de geest waarmee we haar gebruiken. Laat ons bouwen aan een AI die ons dient, niet overheerst. Laat ons kinderen onderwijzen, niet conditioneren. En bovenal: laat ons nooit vergeten wie we zijn. https://youtu.be/ZJTd4P_yfSo

Keti Koti 2026 Read More Ā»

Vrouwen staan vaak steviger dan mannen op de grond

Vrouwen staan vaak steviger dan mannen op de grond Vaderdagemoties uit de pen van een man, voorgedragen door een vrouw   Deze emoties zijn geen aanklacht tegen de man.Het is een spiegel, door een man zelf geschreven.Een beetje zelfspot, een beetje schaamte,maar vooral een oproep tot herstel.   En als een vrouw het vandaag voordraagt,dan is dat niet om de man te vernederen.Zij spreekt het uit met liefde,   Zoals een moeder haar zoon waarschuwt,zoals een vrouw haar man wakker schudt,zoals Eva Adam nog één keer roept:   Mannen, vaders, zonen, broeders,Quo vadis? Waar gaat gij heen?De wereld draait, de vrouw staat sterker,maar menig man raakt richting kwijt.   In Suriname staan de cijfersbijna broederlijk naast elkaar:driehonderdzeventienduizend mannen,driehonderdachttienduizend vrouwen daar.   Adam wordt in deze dagenlichtjes overtroffen door Eva.Niet alleen in aantal, maar ook in aanzien,in zorg, gedrag en reputatieloopt zij hem soms voorbij, ja.   Het zogenoemde zwakke geslachtblijkt vaak sterker in de daad.Zij spaart, zij plant, zij draagt, zij bouwt,terwijl de man soms losser staat.   De vrouw denkt vaker aan morgen,aan schoolgeld, eten, huis en kind.De man denkt soms aan vandaag alleen,en vraagt zich later af waar hij begint.   Op scholen staan vooral de vrouwen,voor klas, collegezaal en bord.Zij vormen kinderen, jongeren, studenten,terwijl de man steeds minder zichtbaar wordt.   De meisjes leren, groeien, stijgen,zij nemen plaats, zij spreken mee.Maar jongens vallen uit de scholen,verliezen koers.   De achterstand van mannen op vrouwenwordt met de dag alleen maar groot.Niet omdat vrouwen mannen breken,maar omdat mannen zelf soms slapenaan de rand van eigen nood.   Te veel jongens raken uit het spoor,te veel mannen stranden in verdriet.Te veel komen voor de rechter,terwijl hun kind naar vaders ziet.   En toch, dit woord is niet geschrevenom mannen klein te maken vandaag.Het is geschreven door een man zelf,met pijn, met spot, met open vraag.   Want mannen, laten wij eerlijk wezen:wij praten vaak met grote mond,maar als het aankomt op dragen, blijven,staan vrouwen vaak steviger op de grond.   Zij noemt zichzelf niet sterk uit trots,zij wordt sterk omdat het moet.Waar vader zwijgt of wegloopt,doet moeder dubbel goed.   Vaderdag is meer dan een kus,meer dan parfum, drank of schijn.Het is de roep aan alle mannen:word meer vader, word weer rein.   Niet heersen, maar beschermen.Niet vluchten, maar verstaan.Niet breken, maar herstellen.Niet praten, maar opstaan.   Want als de vader blijft verdwijnen,neemt moeder alles over, vroeg of laat.Niet uit hoogmoed, niet uit wraak,maar omdat zij niet loslaat.   Daarom spreekt vandaag een vrouw dit uit,niet hard, maar liefdevol en klaar:man, kom sta op je plaats in het leven,je kind, je huis, je volk heeft je daar.   Quo vadis, vader?Quo vadis, man?   Kijk naar plicht en liefde,naar karakter, trouw en daad.Want Suriname heeft geen mannen nodigdie verdwijnen uit het verhaal.   Suriname heeft vaders nodigdie blijven staan.Vaders die bouwen.Vaders die zegenen.Vaders die voorgaan.   En als Eva vandaag Adam toespreekt,dan is het niet met minachting,maar met hoop:   Sta op, man.Word meer vader.Word meer mens. Pennenvrucht Henk Doelwijt Voordracht Marianne Cornet https://youtu.be/PGLRVSPHKXo

Vrouwen staan vaak steviger dan mannen op de grond Read More Ā»

Barmhartigheid is wat de dakloze nodig heeft

Barmhartigheid is wat de dakloze nodig heeft Stichting De Stem, de sociale zuil van de Volle Evangeliekerk Kinderen van het Licht Ministries, reageert met waardering op het artikel ā€œAchter ieder straatbeeld schuilt een levensverhaalā€. Het artikel wijst terecht erop dat dak- en thuislozen niet op ƩƩn hoop gegooid mogen worden, omdat achter ieder mens een eigen levensverhaal schuilt. Ā  Toch wil Stichting De Stem vanuit haar dertigjarige ervaring met de opvang en begeleiding van drugs- en alcoholverslaafden, daklozen, thuislozen en andere kwetsbare mensen een belangrijke aanvulling geven. Ā  De aanpak van Stichting De Stem is niet in de eerste plaats gebaseerd op systemen, diagnoses of deskundige taal, maar op barmhartigheid. Vanuit Gods Woord gelooft de stichting dat ieder mens, hoe beschadigd ook, geschapen is met waardigheid en herstelmogelijkheden. Ā  Zoals Jezus zegt: ā€œIk ben barmhartigheid en geen offerande.ā€ Ā  Deze tekst vormt een belangrijk uitgangspunt. God vraagt niet alleen om formele handelingen, maar om een hart dat bewogen is met de nood van de ander. Ā  De dakloze is eerst en vooral mens De dakloze, de verslaafde, de zwerver, de verwarde mens en de thuisloze worden vaak gezien als mensen die het straatbeeld verstoren. Men spreekt over hen alsof zij vooral overlast veroorzaken en zo snel mogelijk van de straat gehaald moeten worden. Ā  Maar Stichting De Stem kijkt anders. Achter iedere dakloze staat een mens. Een mens met een naam, een geschiedenis, pijn, fouten, talenten, schaamte, hoop en mogelijkheden. Niemand wordt zomaar dakloos. Niemand raakt zomaar verslaafd. Niemand kiest zonder reden voor een bestaan van vuil, honger, onzekerheid, afwijzing en vernedering. Ā  Het straatbeeld toont daarom niet alleen verval. Het toont levensverhalen die onderweg beschadigd zijn geraakt. Ā  De Bijbel herinnert ons eraan dat barmhartigheid begint bij het zien van de mens: ā€œZalig zijn de barmhartigen, want aan hen zal barmhartigheid bewezen worden.ā€ Ā  De mens mag niet verdwijnen achter deskundigheid Bij de aanpak van dak- en thuisloosheid bestaat het gevaar dat de mens verloren gaat achter diagnoses, protocollen, instellingen en deskundige termen. Dan wordt iemand niet langer gezien als mens, maar als geval. Als verslaafde. Als psychiatrische patiĆ«nt. Als overlastgever. Als zorgdossier. Ā  Stichting De Stem wil daarvoor waken. De mens is mƩƩr dan zijn verslaving. MƩƩr dan zijn trauma. MƩƩr dan zijn ziekte. MƩƩr dan zijn verleden. MƩƩr dan zijn fouten. Ā  Dat betekent niet dat deskundigheid wordt afgewezen. Waar medische, psychologische, psychiatrische of maatschappelijke hulp nodig is, moet die hulp worden ingeschakeld. Maar deskundigheid moet dienend zijn. Zij moet de mens ondersteunen, niet overheersen. Ā  De liefdevolle mens moet op de voorgrond blijven. De deskundige komt erbij waar dat nodig is. Ā  Barmhartigheid gaat verder dan een sociaal gebaar Een sociaal gebaar kan nodig zijn. Een bord eten, kleding, een bad, onderdak of een vriendelijk woord kunnen veel betekenen. Maar een sociaal gebaar alleen is niet genoeg. Ā  Een sociaal gebaar helpt voor vandaag.Barmhartigheid bouwt aan morgen. Ā  Een sociaal gebaar zegt: ik help u even.Barmhartigheid zegt: ik laat u niet vallen. Ā  Barmhartigheid blijft staan wanneer iemand terugvalt. Barmhartigheid luistert wanneer iemand moeilijk spreekt. Barmhartigheid ziet pijn achter lastig gedrag. Barmhartigheid gelooft dat herstel mogelijk is, ook wanneer anderen de mens al hebben opgegeven. Ā  De gelijkenis van de barmhartige Samaritaan laat dit duidelijk zien. De Samaritaan zag de gewonde man, kreeg innerlijke ontferming, verzorgde hem en bracht hem naar een veilige plaats. ā€œGa heen en doe gij evenzo.ā€ Ā  Dat is precies de opdracht: niet alleen kijken, niet alleen praten, maar barmhartig handelen. Ā  Liefdevolle mensen op de voorgrond De ervaring van Stichting De Stem leert dat veel mensen herstellen door liefdevolle benadering, rust, structuur, geloof, gesprek, begeleiding en een omgeving waarin zij opnieuw mens mogen zijn. Ā  Daarvoor zijn niet alleen dure systemen nodig. Daarvoor zijn mensen nodig met hart, geduld en trouw. Mensen die kunnen luisteren. Mensen die niet meteen veroordelen. Mensen die dagelijks aanwezig zijn. Mensen die helpen met eten, wassen, werken, opruimen, bidden, nadenken en opnieuw beginnen. Ā  De Bijbel zegt: ā€œWeest barmhartig, gelijk ook uw Vader barmhartig is.ā€Ā Voor Stichting De Stem is dit geen mooie spreuk, maar een praktische opdracht. Ā  Herstel is meer dan behandeling Een mens hoeft niet volledig genezen te zijn om weer te kunnen groeien. Iemand kan nog een aandoening hebben en toch leren functioneren. Iemand kan nog begeleiding nodig hebben en toch verantwoordelijkheid dragen. Iemand kan nog kwetsbaar zijn en toch vooruitgaan. Ā  Herstel betekent niet altijd dat alle problemen onmiddellijk verdwijnen. Herstel kan ook betekenen dat iemand leert omgaan met zichzelf, met zijn lichaam, met zijn gedachten, met zijn omgeving en met andere mensen. Ā  Soms is medicatie nodig. Soms is behandeling nodig. Soms is langdurige begeleiding nodig. Maar ook dan blijft de mens meer dan zijn aandoening. Waar verantwoord kan ondersteuning afnemen. Waar mogelijk kan zelfstandigheid groeien. Waar nodig kan deskundigheid helpen bijsturen. Ā  Barmhartigheid maakt zorg menselijker en betaalbaarder Suriname is geen rijk land. Daarom moeten zorg en resocialisatie niet zo zwaar, duur en ingewikkeld worden dat zij onbetaalbaar worden. Wanneer alles afhankelijk wordt gemaakt van specialisten, grote instellingen en dure trajecten, raakt de gewone mens buiten beeld. Ā  De kracht van een samenleving ligt niet alleen in haar deskundigen. Zij ligt ook in haar vrijwilligers, kerken, gezinnen, buurtgenoten, ervaringsdeskundigen en mensen met een warm hart. Ā  Een goede aanpak brengt juist deze mensen in beeld. Deskundigen blijven nodig voor behandeling, beoordeling en begeleiding. Maar zij vormen niet het hele systeem. De gemeenschap zelf moet weer leren zorgen, dragen en herstellen.Zoals in Spreuken staat: ā€œWie zich ontfermt over de arme, leent aan de HEERE.ā€ Ā  Barmhartigheid is dus niet alleen sociaal werk. Het is ook geestelijke gehoorzaamheid. Ā  Niet opsluiten, maar terugwinnen Het doel is niet om daklozen weg te stoppen zodat het straatbeeld schoner lijkt. Het doel is ook niet om alle dak- en thuislozen in ƩƩn groot gebouw te verzamelen en te denken dat daarmee het probleem is opgelost. Ā  Het doel is: mensen terugwinnen. Terugwinnen voor zichzelf.Terugwinnen voor hun familie.Terugwinnen voor arbeid en verantwoordelijkheid.Terugwinnen voor de gemeenschap.Terugwinnen

Barmhartigheid is wat de dakloze nodig heeft Read More Ā»

Achter ieder straatbeeld schuilt een levensverhaal

Achter ieder straatbeeld schuilt een levensverhaal De verslaafde, de zwerver, de verwarde mens, de dakloze en de thuisloze worden in het dagelijks spraakgebruik vaak op ƩƩn hoop gegooid. Zij worden gezien als mensen die het straatbeeld ontsieren, overlast veroorzaken en ā€œvan de straat gehaaldā€ moeten worden. Ā  Maar wie dieper kijkt, ziet dat achter elk gezicht een ander levensverhaal schuilgaat. Niemand wordt zomaar zwerver. Niemand raakt zomaar verslaafd. Niemand kiest zonder reden voor een bestaan van vuil, honger, gevaar, vernedering en onzekerheid. Ā  Deze mensen hebben onderweg in de trein van hun leven schade opgelopen. Sommigen zijn getekend door trauma, anderen door drugs, alcohol, armoede, huiselijk geweld, geestelijke ontregeling, familieruzies, verlies, ziekte, ouderdom, eenzaamheid of overheidsfalen. Hun straatbestaan is vaak niet het begin van het probleem, maar het zichtbare eindpunt van een lange keten van persoonlijke, sociale en maatschappelijke breuken. Ā  Daarom is het verkeerd om al deze mensen in ƩƩn tehuis onder te brengen en te denken dat daarmee het probleem is opgelost. Een opvangcentrum zonder onderscheid, diagnose en deskundige begeleiding wordt al gauw een opslagplaats van menselijke ellende. Het haalt mensen misschien tijdelijk uit het straatbeeld, maar herstelt hun leven niet. Ā  Niet iedereen heeft hetzelfde probleem De grote fout in veel benaderingen is dat men spreekt over ā€œde zwerversā€ alsof het om ƩƩn soort mensen gaat. Dat is niet zo. De ene persoon is verslaafd. De andere is psychisch ziek. Een derde is oud en verlaten. Een vierde is door huiselijk geweld gevlucht. Een vijfde is uit detentie gekomen en heeft geen netwerk meer. Een zesde is door schulden, werkloosheid of woningnood op straat beland. Ā  Wie deze groepen door elkaar plaatst, creĆ«ert nieuwe problemen. Een mishandelde vrouw hoort niet tussen agressieve verslaafden. Een psychiatrische patiĆ«nt hoort niet zonder begeleiding in een gewone slaapzaal. Een zieke oudere heeft geen strafregime nodig, maar zorg. Een weggelopen jongere mag niet tussen geharde straatfiguren terechtkomen. Ā  De eerste vraag moet daarom niet zijn: hoe halen wij deze mensen zo snel mogelijk van de straat? De eerste vraag moet zijn: wie is deze mens, wat is er gebeurd en welke hulp is werkelijk nodig? Ā  Verslaving vraagt om behandeling Een grote groep bestaat uit mensen die door drugs- of alcoholgebruik hun grip op het leven zijn kwijtgeraakt. Verslaving wordt vaak gezien als zwakte of slechte wil. Maar daarachter liggen vaak diepere oorzaken: pijn, trauma, verlies, uitzichtloosheid, groepsdruk, psychische nood of jarenlange sociale verwaarlozing. Ā  Deze groep heeft meer nodig dan een bed en een bord eten. Nodig zijn verslavingsartsen, psychologen, verslavingscounselors, maatschappelijk werkers, ervaringsdeskundigen, activiteitenbegeleiders en nazorgwerkers. Zonder behandeling, structuur en nazorg is terugval vrijwel onvermijdelijk. Ā  Psychische nood vraagt om psychiatrische zorg Een andere groep bestaat uit mensen met ernstige psychische problemen: psychoses, depressie, angststoornissen, trauma, verwardheid of andere geestelijke aandoeningen. Sommigen zijn door familie opgegeven, anderen zijn weggelopen of jarenlang onbehandeld gebleven. Ā  Deze mensen horen niet zomaar in een algemeen opvangtehuis. Zij hebben psychiatrische begeleiding nodig van psychiaters, psychologen, psychiatrisch verpleegkundigen, sociaalpsychiatrisch werkers, medicatiebegeleiders en crisisinterventieteams. Ā  Zonder deskundigheid kan hun situatie escaleren. Wie met deze groep werkt, moet verstand hebben van de-escalatie, medicatie, crisisopvang, suĆÆciderisico en langdurige begeleiding. Ā  Trauma vraagt om veiligheid en vertrouwen Er zijn ook mensen die door diepe innerlijke beschadiging op straat zijn beland. Zij hebben geweld, misbruik, huiselijke terreur, vernedering, verlies, verwaarlozing of langdurige afwijzing meegemaakt. Hun gedrag lijkt soms moeilijk of onaangepast, maar daaronder zit vaak een mens die het vertrouwen in anderen kwijt is. Ā  Voor deze groep zijn traumapsychologen, maatschappelijk werkers, vertrouwenspersonen, pastorale begeleiders, familiebegeleiders en hulpverleners met kennis van huiselijk geweld nodig. Zij hebben geen harde hand nodig, maar veiligheid, geduld, respect en herstel van eigenwaarde. Ā  Wie trauma niet begrijpt, ziet alleen lastig gedrag. Wie trauma wel begrijpt, ziet een mens die beschermd en stap voor stap hersteld moet worden. Ā  Armoede, schulden en werkloosheid Niet alle dak- en thuislozen zijn verslaafd of psychisch ziek. Sommigen zijn op straat beland door armoede, schulden, woningnood, verlies van inkomen of werkloosheid. Zij hadden misschien ooit een baan, een gezin, een kamer of een eenvoudig bestaan, maar verloren stap voor stap hun bestaanszekerheid. Ā  Deze groep heeft vooral praktische sociale begeleiding nodig: hulp bij identiteitsdocumenten, werk, inkomen, huisvesting, familiecontact en herintegratie. Daarvoor zijn maatschappelijk werkers, schuldhulpverleners, budgetbegeleiders, arbeidsbemiddelaars, woonbegeleiders en administratieve krachten nodig. Ā  Bij deze mensen ligt de oplossing niet in langdurige opname, maar in herstel van zelfstandigheid. Ā  Jongeren moeten apart worden beschermd Een aparte en zeer kwetsbare groep bestaat uit jongeren. Sommigen lopen weg van huis, komen uit gebroken gezinnen of zijn slachtoffer van verwaarlozing, mishandeling, misbruik, groepsdruk of verkeerde vriendenkringen. Ā  Jongeren die op straat blijven, lopen groot gevaar. Zij kunnen terechtkomen in drugsgebruik, criminaliteit, seksuele uitbuiting, bendevorming of blijvende maatschappelijke ontsporing. Ā  Daarom moeten jongeren apart worden opgevangen. Nodig zijn jeugdhulpverleners, orthopedagogen, schoolmaatschappelijk werkers, jeugdpsychologen, mentoren, sportbegeleiders, vaktrainers en familiebegeleiders. De nadruk moet liggen op opvoeding, onderwijs, discipline, sport, vaktraining, talentontwikkeling en herstel van familiebanden. Ā  Een jongere moet niet worden opgeborgen. Een jongere moet worden teruggewonnen. Ā  Ouderen, zieken en mensen met een beperking Ook ouderdom, ziekte of een lichamelijke of verstandelijke beperking kan mensen op straat doen belanden. Soms is er geen familie meer. Soms is de familie overbelast. Soms ontbreken inkomen, zorg of passende huisvesting. Ā  Deze groep vraagt niet om correctie, maar om zorg. Nodig zijn verpleegkundigen, verzorgenden, artsen, fysiotherapeuten, ergotherapeuten, voedingsdeskundigen, maatschappelijk werkers en mantelzorgcoƶrdinatoren. Ā  Hun opvang moet gericht zijn op rust, hygiĆ«ne, voeding, medicatie, lichamelijke verzorging en waardigheid. Ā  Vrouwen en slachtoffers van geweld Vrouwen, meisjes en andere kwetsbare personen die door huiselijk geweld, misbruik, verstoting of bedreiging op straat terechtkomen, hebben beschermde opvang nodig. Zij mogen niet in een algemene gemengde opvang worden geplaatst waar zij opnieuw slachtoffer kunnen worden. Ā  Voor deze groep zijn maatschappelijk werkers, psychologen, juridische begeleiders, crisisopvangmedewerkers, vertrouwenspersonen, beveiligers en familiebemiddelaars nodig. Veiligheid staat hier voorop: eerst bescherming, daarna herstel. Ā  Ex-gedetineerden zonder netwerk Een andere groep bestaat uit mensen die uit detentie komen en nergens naartoe kunnen. Zonder woning, werk, familie,

Achter ieder straatbeeld schuilt een levensverhaal Read More Ā»

U kunt de inhoud van deze pagina niet kopiƫren