Fyofyo
Fort Zeelandia wan hebi na Sranantapu
Tori-Collectief essayreeks
Deel 4: Deze essay is de vierde in de serie waaraan wij werken, een reeks die niet slechts terugblikt, maar zich wil wortelen in waarheid, herstel en gewetensonderzoek. Fort Zeelandia, bastion van bezetting en beraad, een beladen plek als spiegel voor de natie
Fort Zeelandia staat als een litteken aan de Surinamerivier. Van koloniale onderdrukking tot de Decembermoorden van 1982, het fort draagt bloed en geschiedenis. Maar ook hoop. Dit essay beschrijft hoe geestelijke leiders, waaronder uit de Volle Evangeliebeweging, deze plek trachten te reinigen en opnieuw toe te wijden. Want een volk dat zijn verleden niet eert met waarheid, bouwt zijn toekomst op zand.
Vier eeuwen geschiedenis
Ā In het hart van Paramaribo, aan de oever van de Surinamerivier, staat Fort Zeelandia als een onverzettelijke getuige van vier eeuwen geschiedenis. Niet louter een stapeling van bakstenen, maar een belichaamde herinnering aan onderdrukking, strijd en lijden. Het fort en de omgeving staan als een litteken in het landschap, dragen het gewicht van een verleden dat zwaarder is dan steen. Een verleden van koloniale overheersing, slavernij, marteling, doodslag en moord. Fort Zeelandia is een plek waar de geschiedenis nog ademt, soms in fluistering, soms in kreet.
Gebouwd op geweld
De oorsprong van Fort Zeelandia ligt in het midden van de zeventiende eeuw. Vanaf 1650 verschenen de eerste structuren, aangelegd door Engelse zeeschuimers, kolonisten die zich de grond van de inheemse bevolking toe-eigenden. Wat begon als een verdedigingswerk groeide uit tot een machtscentrum in de bittere strijd tussen Europese koloniale machten, Engelsen, Nederlanders en Fransen die elkaar met kruit en zwaard bevochten om zeggenschap over de Nieuwe Wereld.
In 1667 viel het fort in handen van de Zeeuwse vloot onder leiding van Abraham Crijnssen. De bezetting veranderde, maar de aard bleef dezelfde: overheersing, extractie, onderwerping. Daar waar inheemsen ooit vrij leefden werd slavernij ingevoerd, vloeide nu het bloed van de onderdrukten. Het bastion werd militair hoofdkwartier, gevangenis en tuchthuis. De naam veranderde, maar de functie niet.
Fort van slavernij en straf
De koloniale tijd bracht met zich een barbaars regime van slavernij en tucht. Fort Zeelandia werd een plek van angst. Tot slaaf gemaakte Afrikanen werden hier vastgehouden, gemarteld, publiekelijk vernederd. Men werd gegeseld, gebrandmerkt, geradbraakt, opgehangen of levend verbrand, straffen die het hart doen verkrampen en de ziel doen beven.
Het fort deed dienst als huis van bewaring. Criminelen, al dan niet schuldig, ondergingen hun straf in omstandigheden die verre van menselijk waren. Dwangarbeid, kettingen, honger en isolatie bepaalden het bestaan. Hier was het recht krom, en genade zeldzaam.
Politiek geweld
In de jaren tachtig werd het fort in bezit genomen door militaire coupplegers. Het bloed van het verleden werd opnieuw opgewekt. In de nacht van 7 op 8 december 1982 werden critici van het militaire regime daar vastgehouden, gemarteld en geƫxecuteerd. De kogelgaten in de muur van Bastion Veere getuigen van deze wandaad.
De Decembertragedie markeerden niet slechts een tragisch hoofdstuk, maar een voortzetting van het patroon waarin Fort Zeelandia telkens opnieuw fungeerde als toneel van onderdrukking. De geschiedenis had zich niet herhaald, ze had zich voortgezet.
Energetische last en spirituele zuivering
Ā Zulke gruwelen laten sporen na, niet enkel in de geschiedschrijving, maar in de atmosfeer. Een beklemmende sfeer, een gevoel van onrust, alsof het lijden van weleer in de muren is gekropen. De plek lijkt energetisch ābelastā, alsof de geesten van de gemartelde er nog altijd dwalen.
In reactie daarop zijn er door de jaren heen rituelen van geestelijke reiniging uitgevoerd. Christelijke en hindoeĆÆstische gebedsdiensten, waterwijdingen, brandende kaarsen, heilige rook, allen proberen zij, op hun manier, de plek te zuiveren. Het is een symbolische poging tot herstel: niet om het verleden te wissen, maar om de ruimte opnieuw te wijden aan leven en waarheid.
Ook de huidige president van de republiek heeft dit besef omarmd. President Santokhi laat geestelijke leiders van verschillende denominaties toe tot het paleis en het kabinet. Niet alleen om te bidden en zegeningen af te smeken voor zijn bestuur en het welzijn van het land, maar ook om de energetische geladenheid tegen te gaan die deze plaatsen aankleeft door hun geschiedenis.
Vooral leiders uit de Volle Evangeliebeweging nemen hierin een actieve rol. Onder hen bevindt zich Apostel Lansdorf, die met gebed, zalving, lofzang en profetisch spreken deze ruimten inwijdt met het uitspreken van bevrijdingsgebeden, zoals beschreven in de Bijbel: “Is iemand onder u ziek, laat hij de oudsten der gemeente tot zich roepen, en laten zij voor hem bidden en hem zalven in de naam van de Heer.” Zulke handelingen zijn geen folklore, maar diepe geloofsgebruiken om door de kracht van de Heilige Geest reiniging en herbestemming tot stand te brengen.
Het Presidentieel Paleis een verwante last
Op steenworp van het Fort liggen het Presidentieel Paleis en het Kabinet van de President, het machtscentrum van het land. Ook deze plekken dragen een zware historische en symbolische last. Gebouwd in koloniale tijden, fungeert het paleis als het decor van vele politieke dramaās, inclusief momenten van nationale crisis en conflict. Ook hier zijn en worden gebedsdiensten gehouden, reinigingsrituelen voltrokken. Het volk weet: macht zonder moreel kompas leidt tot verderf. Daarom bidt men niet alleen voor de leiders, maar ook voor de plek vanwaar zij regeren.
Fort Zeelandia als spiegel
Wat moet men doen met een plek als Fort Zeelandia? Slopen? Verzachten? Vergeten? Een volk dat zijn verleden vergeet, veroordeelt zichzelf tot herhaling. Fort Zeelandia moet blijven staan, maar niet als een monument van trots. Het moet zijn als een spiegel, waarin elke generatie haar geweten onderzoekt.
Het is aan het volk, gelovigen, historici en dichters om de waarheid onder ogen te zien, recht te doen aan de doden, lessen te trekken voor de levenden. Het fort is geen toeristische trekpleister, het is een altaar van herinnering. Het verdient onze eerbied, ons mededogen en onze moed om de geschiedenis niet te verbergen, maar te verklaren.
Want zolang Fort Zeelandia staat, klinkt de stem van het verleden. En wie luisteren wil, zal horen wat nooit meer mag worden herhaald.




